Kok Mondriaan

Het is vrij onbekend maar Mondriaan was een fervente kok.
Hoewel hij een matige eter was hield hij zeer van culinaire kunst,
vooral vorm en kleur hadden zijn warme belangstelling, de smaak vond hij bijzaak. ‘Mijn schilderijen smaken ook nergens naar’,
zo verduidelijkte hij zijn onthechte houding ten aanzien van voedsel.

Liefst sneed hij zijn groente in perfecte geometrische figuren, die hij soms marineerde in primaire kleurstoffen, waarvan blauw hem het meeste hoofdbrekens bezorgde.
Dineren bij Mondriaan was een welhaast esotherische ervaring van zuivere schoonheid. Diverse van zijn beroemde gasten kregen vaak geen hap door de keel, eten zou een esthetische wandaad zijn.

De enige keren dat men Mondriaan heeft zien schransen was wanneer hij in New York uit dansen was geweest, hij was dol op de shimmy, de charleston en de cakewalk!
Wanneer hij danste wist hij van geen ophouden, uitgehongerd kwam hij thuis waar hij zich te buiten ging aan donuts en pretzels, alsdus getuigenissen van zijn vele minnaressen die,
eindelijk binnengedrongen in zijn spartaanse appartement, zich verleidelijk op bed neervlijden in afwachting van een amoureuze voortzetting.
Helaas voor de dames was Mondriaan na de schranspartij dusdanig geïnspireerd dat hij
onmiddellijk aan een nieuw kunstwerk begon te werken, dit keer met paralelle gele strepen van 1 centimeter breed, langs een lineaal getrokken.

Bovenstaand kookrek liet hij naar eigen ontwerp fabriceren door G Rietveld. Zelden hebben kookhandschoenen zo vanzelfsprekend deel uitgemaakt van de beeldende kunstwereld, alsof kunst gewoon dagelijkse kost is.

K nst w g

d.  k.nst  .a.  h.t    we.l.t.n
.e  ku.st  v.n .et    .eg.at.n
d.  kun.t  .an he.   .e.la.en
de .uns.  va. h..   w.glate.
.e  k.ns.  van h.t  weg.a.en
..  ku.s.   van het weg.at..
..   .u.st    .an .et  we.l….
d.   ….t    va.  h.t  w……n

De Fabel van Richard III

Shakespeare maakte Richard de derde beroemd door hem te vereeuwigen als een icoon van doortrapte slechtheid.
Wie het stuk ziet geniet heimelijk mee van het enorme plezier dat ook Shakespeare moet hebben gehad om zich vrij uit te leven in geniale kwaadaardigheid.
Virtuoze slechtheid werkt op de lachspieren.
Het kwaad genereert een enorm creatief vermogen omdat het geen beperking kent.
Het goede dient zich te houden aan het goede, maar het kwaad bedient zich overal van zelfs van het goede.
Had de Shakespeare de Richard als goedzak afgeschilderd dan was hij nooit een icoon geworden.
Nu het lijk van Richard de derde, of iets wat erop lijkt, is gevonden onder een geasfalteerde parkeerplaats, probeert het Engelse volk eeuwen later zijn slechte naam te zuiveren door te verkondigen dat hij veel goede dingen heeft verricht.
Als bewezen is dat hij goed was kan hij alsnog vergeten worden, net als Richard de tweede en de eerste.
Zou Richard de derde Shakespeare dankbaar zijn voor zijn naamsbekendheid?

De ongemakkelijke ‘realiteit’ is natuurlijk dat de grootste slechterik, onbedoeld een goede uitwerking kan hebben op een volk, al is het maar dat ze elkaar niet afslachten.
Zie Irak met of zonder dictator.
Het omgekeerde kan ook, dat de goedzak met de beste bedoelingen de slechtste uitwerking hebben.

Soms geeft heulen met de vijand de meeste kansen om iets goeds te bewerkstelligen.

Honderzoek

Wetenschappelijk honderzoek heeft huitgewezen dat honden vaker de baas de baas zijn dan de baas de hond de baas his.
Dit his heen hopmerkelijke hontdekking haangezien tot voor kort van het homgekeerde werd huitgegaan.
De hond laat dus zijn baasje huit.
Die verse bazen hebben hal met hontzetting gereageerd hop de huitkomst van dit honderzoek. Ze vinden het hongelovelijk dat de rollen zo handersom blijken te liggen. Sommigen zeggen: ‘maar dat his de homgekeerde wereld, habsurd gewoon’
Dit laatste lijkt hinderdaad het geval.
Handeren verwijten de honderzoekers zelf geen hond te bezitten, handers zou de huitslag van het honderzoek wel handers zijn huitgepakt, zo luidt hun hoordeel.
Honderzoekers verdedigen de huitslag door te hopperen dat het honderzoek dubbelblind his gedaan hin het holst van de nacht.

Drijft

foto17

wat is ze kaal
wat is ze kil
haar tranen zout
haar mond klinkt stil

haar huid is vaal
haar lijf is koud
ze is zo vreemd
en zo vertrouwd

zo desolaat
als een woestijn
de nacht is haar
geheim domein.

ze heeft geen oog
ze spiegelt licht
ze zweeft zo hoog
zonder gezicht

hij valt ten prooi
de maangek vindt
een medicijn
dat hij bemint

de maangek zingt
zijn liefdeslied
met een geluid
van zacht graniet

‘wat is ze mooi
als een ravijn’
‘ze is te mooi
om waar te zijn’

ze luistert wel
maar hoort het niet
de maangek zwelgt
in zijn verdriet

tot hij ontdekt
dat liefde blijft
de gek geniet
van wat hem drijft

Blikstof

Elke dag veegde ik het grind
met mijn te zachte wimpers

men zegt: het oog wil ook wat, zegt men
daarom veeg ik grindpixels bijeen tot zichtelijke beelden
er is al genoeg afzichtelijk

wanneer ik veeg ruist het gruis zacht
alsof ook de taal even wordt schoongeveegd
elke pixel zou gewassen moeten zijn in ijskoel beekwater

maar in plaats daarvan stof ik beter mijn blik af
en mijn kans schoon zien

Nuance ringen

Lare weugens

kwoed gaad

slom dim

foet gout

na jee

looi melijk

gijs wek

weel veinig

kloot grein

loog haag

lort kang

wart of zwit

wiet nel

zet of monder

PS: Het is niet altijd het een of het ander, dit of dat, alsof daar niets tussen zit. Het kan beiden zijn of geen van beiden of half om half.
Of een mengsel in een ondefineerbare verhouding, dit laatste is meestal het geval.
Beperking van de taal dwingt ons te liegen, ‘Lare weugens’ biedt mogelijkheden om meer ware woorden te spreken met meer nuances.

Fabel over het ontstaan van de wind

Ver voor er namen bestonden leefde er een fabelachtig wezen, onzijdig, of beter gezegd zowel mannelijk als vrouwelijk.
Het had wortels diep in de grond als een oeroude boom,
en aan haar takken groeiden geen bladeren maar vleugels.
Met haar wortels zoog het wezen zich vast in de aarde,
met haar vleugels probeerde het wezen zich los te rukken van de aarde om richting hemel op te stijgen.
Een tragische poging, voorbeschikt om te mislukken.
Volgens een oude fabel is zo de wind ontstaan door de wiekende vleugels die aan de takken vast bleven zitten.
Het wezen bleef maar proberen de hemel te bereiken zolang ze haar natuurlijke bestemming niet herkende.
De aarde waarin het wezen geworteld was bleek haar bestemming
te zijn en haar takken waren altijd al in de hemel,
ze vormde een levende verbinding tussen hemel en aarde.
Een paradijselijke staat.
Het wezen is verdwenen, alleen de wind herinnert nog aan haar bestaan.

Het vertrekpunt blijkt soms de mooiste bestemming.

Plagiaathond

Ik ben niet zo gek op auto’s,
maar wel gek op vormen
en zelfs auto’s hebben soms een vorm
die kan bekoren.

Vooral als autovormen de natuur plagiëren
is dat aandoenlijk, kever, snoek, eend,
stijf blik dat vloeibaar wordt.

Of als ze dat juist totaal niet doen,
een vierkante auto,(panda)
stroomlijnloosheid kan mij ontroeren.

Dit besef kwam naar boven toen ik een hond wilde.
Ik stelde mij een hond voor met een kop als een oude Volvo, met voorspatborden die als te lange
bovenlippen over de voorwielen hangen.

Verder moest hij roodbruin zijn,
zo plaatste ik mijn bestelling.

Mijn hond is bij mijn weten de eerste hond
die is ontworpen naar voorbeeld van een auto.