Time is on mein Zeit

Sag mal, wie spät is time today?
Yesterday is immer zu late.
Oder is it vielleicht zu früh to say?
Jaja, die zukunft ist immer now!
Genau, just like die vergangenheit.
Zeit weisst nicht how to leave or stay,
so let’s take a walk on the wild Zeit.
Yes, where die ewigkeit wandert…
(Fragmente aus: ‘Die Anglosaksischer Freund’ , Markus Maulwurf, 2017)
Vers van het Veld
Kathedraal
Het bestaan is niet draagbaar,
daar is het te omvangrijk voor,
handen tekort.
Zelfs vele mensheden zouden ontoereikend zijn om het te omvatten.
Men kan hooguit hier en daar wat aaien en strelen.
Het bestaan is buiten gewoon aaibaar.
Kunst bestaat om het bestaan draagbaar te maken.
Dat is de kunst, een kathedraal gebouwd van draagbare bakstenen.
De draagbare lichtheid van het bestaan draagt de beschouwer.
Aanslag
De verleiding is dit: de beste piano ter wereld staat in een museum ten toon.
Je bent pianist, je hebt miljoenen tonen gespeeld maar nooit vond je de juiste toon.
Je weet, deze piano heeft maar één toets waaronder de juiste toon ligt te dromen van een aanslag.
Er staat een bordje bij: Niet Aanraken!
Hoe weersta je deze verleiding?
Door er aan toe te geven natuurlijk.
(ik heb het bordje toch niet aangeraakt!)
Je pleegt de aanslag, weloverwogen
De toets blijkt vastgelijmd.
De enige juiste toon blijkt van…stilte.
Na afloop krijg je een halfjaar museumverbod opgelegd, camera’s registreerden alles.
Het is de derde keer deze maand.
Beelden mogen jou raken, omgekeerd niet.
Doeditdoedat
Leest deze tekst met uw ogen open.
Neem elk woord letterlijk.
Adem de lucht die aanwezig is,
laat de niet aanwezige lucht met rust.
Adem alleen nu, steeds nu.
Blijf tijdens dit nu hier aanwezig.
Ga je weg?, doe dat dan eveneens nu
en zorg dat je toch hier blijft, precies daar waar je bent.
Neem fysiek alleen de ruimte in die nodig is voor je lichaam.
Probeer daarbij niet aan een olifant in de kamer te denken,
noch aan een kamerolifant.
Je bovenkamer heeft geen muren, geen plafond, geen vloer, geen ramen,
zelfs geen open deur.
Vers van het Veld
Photo: Jelle Touw © 2017
Ruimtegetuige
Ernst is een zeer serieuze zaak.
Dat moet men niet te licht opvatten.
Zwaar en donker verstrekken namelijk een referentie aan het eeuwige licht.
Dit vooral vanwege de nulde fundamentele natuurwet van F. Wildesheim uit 1870 :
‘Het relatieve is absoluut relatief waar het dingen betreft.
Waar het niet-dingen betreft is aanwezig zijn en niet aanwezig zijn absoluut en wel gelijktijdig’
Als voorbeeld van dit laatste ;
‘Ruimte is dat wat ver zuimt te zijn en is daarmee alomtegenwoordig.’
Tijd is overigens ook zo’n ‘on-ding’.
Denk je het net precies te hebben gemeten, is het alweer later. Meten is weten heet dat dan, maar wat men meet is alleen de eigen aanwezigheid vanuit het eeuwige, waarom zou men anders tijd willen meten als men wist hoe laat het was?
Dat men hier nu is valt niet te ontkennen, maar probeer het te meten en je bent nooit nu hier. Dit laatste is heel vervelend.
Tot zover de nulde natuurwet.
Marcel Duchamps is waarschijnlijk gestorven aan verveling
en leeft nu in het eeuwige voort.
Alleen door niets te worden kun je alles zijn.
De grootste grap.
Humor is het ontologische fundament.
De ruimte is getuige.
Vers van het Veld
Dweilbron
Kranen waren lekgeslagen of stonden domweg open.
Dweilen lagen op voorraad, keurig opgevouwen en gestapeld in de magazijnschappen, droog en schoon.
Deskundigen waren begonnen om de hoofdleidingen door te zagen, daar zat ook het probleem.
Door onvermoeibaar door te zagen zouden ze bij de bron uitkomen.
Volgens de expert kampte water met een imagoprobleem, het verdronk in zichzelf.







