Ergens

Onderweg op de snelweg
het vingerhandschrift lezen,

op de gore achterklep
van deze ooit zo witte vrachtwagen:

“Ergens Zijn We Nergens”

Er is kennelijk vooruitgang,
vroeger stond er:

‘Ik Wil Gewassen!’

Vooruitgang licht op in het besef
dat we niets bereikt hebben,

dat er niets te bereiken valt
en weten dat dat al subliem is.

‘Alleen Niets kan Ons Sublimeren!’

Dit schrijf ik uitdrukkelijk niet op
mijn auto, zonder uitroepteken…

Was mij niet, laat al het vuil
van de wereld aan mij kleven,

laat mij leven overal en ergens
zonder benzine, zonder tankstations.

Restaurant Biroe

Na een lange excursie door Petoivilmoen kreeg ik honger. ‘Wanneer eten jullie hier?’, vroeg ik. Mijn gids Mombazi lichtte mij in over de Biroenese eetcultuur.
‘Eigenlijk…eten wij nooit niet!’, zei hij terwijl hij peinzend op zijn lip beet.
Biroenezen vallen gastronomisch gezien onder de vreemdsoortige eters, dol op alles wat vreemdsoortig is.
Ze eten niet veel, maar wel vaak.
Eten kun je het niet echt noemen, het lijkt meer tussendoors gepeuzel.
Eigenlijk proeven ze onafgebroken
van losse ingrediënten.
Van recepturen hebben ze hier nog nooit gehoord. Mengen van smaken vinden ze ronduit onsmakelijk en verwarrend, ze willen simpel die ene aparte smaak proeven.
Kok is dan ook een onbekend beroep in Biroestan. Restaurants zijn er evenmin.
Ze peuzelen gewoon terplekke aan wat er zoal voor de mond komt.
Wonderlijk genoeg peuzelen ze ook aan oneetbare zaken, zoals rotsblokken, lantaarnpalen…zelfs aan gedachten en geheugenpaleizen wordt gesabbeld.
Nog een bijzonderheid: ze gebruiken nooit zout.
Ik heb het geprobeerd op uitnodiging van mijn gids en goede vriend Mombazi en ik moet bekennen:
‘Heerlijk, al die aparte ingrediënten en zo flauw!’
Het meest favoriete Biroeaanse gerecht blijft evenwel: de banaan, met schil en al. De schil liefst nog groen. Ze lusten er wel pap van.
‘De schil is nog lekkerder dan de inhoud als je er eenmaal aan went’, aldus Mombazi.

BiroeBor

Ik ben op pad met mijn gids Wombazi door de provincie Petoivilmoen.
Biroestan kent geen godsdienstcultus.
Wel kent iedere Biroeaan God als zijn eigen broekzak. (binnen de broekzak is het doorgaans nogal pikkedonker)
Dit zit namelijk als volgt:
In Biroestan heet God Ombara. Deze Ombara bestaat uit zuivere schaduw. Ombara volgt elk Biroeaans wezen op de voet. Een meer toegewijde Godheid zal men elders tevergeefs zoeken.
Ombara gelooft heilig in elk wezen dat een schaduw werpt.
Biroestan heeft zoals bekend de meest zonnige bestaansgrond, zonder schaduw zou er echter geen leven mogelijk zijn.
De zon zou alles verzengen…
Overdag lijkt er een wirwar van schaduwgoden rond te waren, maar zodra de avond valt smelten ze samen tot één mysterieuze klont waar alles in oplost, de allemachtige donkere nacht.
Kerken zal men in het Biroeaanse continent vergeefs zoeken. Wel wemelt het er van de parasols om God Ombara koelte te verschaffen.
In de volksmond noemt men Ombara ook wel: ‘de dunste aller goden!’
Mijn beste vriend Wombazi vindt Ombara de fijnste god aller goden.
‘Ombara gelooft in Wombazi ‘, zegt hij blij.
Ik heb mij meteen laten naturaliseren.
Dat bleek heel eenvoudig. Een parasol kopen was afdoende, deze geldt meteen als paspoort. Ombara houdt van mij.
Mijn broekzakken zijn voortaan leeg, vol van Ombara.
Mijn eigennaam mocht ik houden.
Ik ga hier nu door het leven als Biroe-Bor!
Jamozoeki Barimokon!
(Moge uw ziel fonteinen van kleur)

Lees Biroenees


Biroenezen lezen niet, geen boeken in ieder geval.
Ze lezen lichaamstaal van mensachtigen en andere diersoorten, bomen, bergen, bloemen, rivieren, wolken…
Ze lezen kortom alles wat los en vast zit en een lichaam heeft.
Schrijven mogen ze niet, de orale traditie schrijft voor nooit te schrijven.
Het is uit den boze om het spontaan levende vast te leggen in dode letters, in fossiele taal.
De gehele inboedel van de wereld is feitelijk hun bibliotheek. Ze genieten van het direct levende gebaar en gedrag.
Ze zien lichaamstaal als dansende poëzie.
Het beroemdste Biroe-epos heet:
‘Het Lichaam van de Wind’.
Dit behoort tot de meest subtiele poëzie, omdat de taal van het windlichaam alleen te lezen valt middels haar invloed op andere lichamen. Men denke aan: wuivende bomen, kolkende wolken, golvende korenvelden, deinende zeeën of het wapperende haar op je hoofd.
Er bestaat in Biroestan, zo veel mag duidelijk zijn geen scheiding tussen voortplanting en het bedrijven van literatuur. Schrijven is voor hen liefde bedrijven.

Germaan

Photo Jelle Touw © 2017

Aan de Walhallalaan woont een moderne stadsgermaan, in het paradijs op aarde.
Jagen hoeft niet meer, de afhaalchinees wacht om de hoek en de ontdooimaaltijd zit in de vriezer als de dierbare herinnering aan die goeie oude ijstijd.
Geen rendiervel meer, geen gewei, maar wel gehuld in camouflagepak.
Zijn tamme wolfshond loopt braaf mee aan een soort van liaan.
Bij volle maan kan de Walhallalaangermaan de slaap niet vatten, zijn huiswolf huilt.
Hij herdenkt de gekapte reuzeneiken, de gevallenen die moesten wijken voor woongoden van gewapend beton.
De germaan offert zijn nachtrust op om Donar en Wodan gunstig te stemmen.
Heilig gelooft hij dat Freya hem zal verlossen.
Ze woont ergens aan de overkant van het Walhalla.

Neushuidigen

De huid van de Biroeanen bestaat uit zeer subtiel neusweefsel, zo ruiken ze precies waar ze moeten zijn. Binnen de evolutionaire stamboom valt de Biroenees in de categorie ‘neushuidigen’.
Zoals algemeen bekend is de neus de ‘zetel van de intuïtie’.
Feitelijk zit men in Biroe de godganse dag rond te neuzen terwijl men rustig blijft zitten in die zetel. Overal zit wel een luchtje aan.
Onberedeneerd weten ze van ongeziene hoeden en randen, vorken en stelen.
Ze ruiken van alles. Vreemd genoeg geven ze zelf geen geur af. Hun huid absorbeert alle aanwezige geuren als voedsel en informatie.
Ook hun hersenen wijken sterk af van die van andere wezens. Biroenese hersenen kruipen
geheel zelfstandig rond in het lichaam als een soort tongvormige slak. Het zijn moet direct geproefd worden zo lijkt het zintuiglijke idee achter dit wezen te zijn.
Over de zin van het leven heeft een onbekend Biroenese filosoof eens gezegd:
‘Het geurloze is goddelijk voor ons, zo subtiel is niets…
en het smakeloze proeven is ultiem, nergens mee te vergelijken…
de zin van het bestaan smaakt nergens naar, heerlijk! ‘

Holy Airways

Biroenian Holy Airways heeft geen luchtvloot,
geen luchthaven.
De Biroenezen zijn van zichzelf al vluchtige wezens, sommigen zelfs voortvluchtig.
Ze reizen door op te lossen waar je bij staat
en door zomaar ergens anders weer vorm en kleur aan te nemen. Die plek noemen ze dan ‘de plaats van aankomst’. De Biroenees deinst er niet voor terug om in een geheel andere gedaante te arriveren dan de gedaante waarin hij vertrok. Gedaanteverwisselingen zijn dus aan de orde van de zondag.
Volgens de tijdrekening van Biroe is er maar één dag, de zondag. Onze weekdagen worden daar als overbodig verwarrend gezien. Aan jaartelling doet men daarginds evenmin, ‘het jaar des onderscheids’ is afdoende om het huidige vrije tijdsgewricht van het voorgaande te onderscheiden.
Over de voortvluchtigen trouwens niets dan goeds.
Zij wensen buiten beeld te blijven om zo de nodige aandacht te vestigen op de tussenruimte die voor hen heilig is.
Holy Airways, boek nu uw vlucht!