Tovertong

Het groene kattenoog zag precies of je het goed kon horen,
voor het zover was zong de kat chromatisch door alle frequenties heen. Je luisterde naar het hoorspel ‘Zauberzunge’.
Ene Oskar Bregenz las het voor, hij deed alle stemmen
en achtergrondgeluiden vanuit Rundfunk Beromünster.
Wie het feuilleton schreef werd nooit benoemd bij mijn weten.
Bregenz zag ik veel later pas op televisie met zijn koffer,
waarin hij alle geluiden der wereld bewaarde, de meest gekke voorwerpen, waar hij klanken uit toverde.
Hij werkte bij de film, was ooit begonnen bij de stomme film waar hij tijdens de vertoning in levende lijve het geluid verzorgde.
Gelukkig duurden die voorstellingen niet lang,
maar na zes matinee’s was hij wel afgepeigerd, nat van het zweet.

De verhalen van de Tovertong waren eigenaardig, magisch,
betoverend. Nu kan ik ze niet meer letterlijk oproepen,
soms komen fragmenten op die met elkaar nieuwe verhalen vormen.

Een zo’n verhaal ging over een man die stemmen hoorde.
Zijn psychiater tekende zijn verhalen op en concludeerde
dat het radiouitzendingen waren.
Na onderzoek bleek de met lood gevulde kies van de man als transistor te werken, en dit nog voor de transistor werd uitgevonden!
De kies werd getrokken en men was zeer benieuwd of de
getrokken kies nog radio steeds ontvangst had.
De kies deed niets meer, geen stroom.
De man begon zijn stemmen te missen.
Zijn psychiater schreef hem een radio voor, medicinaal.

Na zo’n verhaal probeerde je in slaap te vallen.
Het was alsof de radiokat met haar raspende tong aan je ziel had gelikt.

Novale, de ongeborene


In memoriam Novale, de ongeborene.

“Wezens, dingen en gebeurtenissen: ooit waren ze allen onwezenlijk, zonder substantie en ongebeurd” Oskar Bregenz ‘die Zauberzunge’

Dit verhaal gaat over Novale die nooit geboren is, of laten we het ruimer formuleren, nog niet.
Ik heb Novale niet gekend maar dit verhaal doet de ronde, niemand weet hoe dit verhaal in de wereld is gekomen.
We kunnen niet beoordelen of deze mens het geluk heeft gehad of de pech om ongeboren te blijven.
We kunnen immers niet weten welke ellende bespaard is gebleven of welk aards geluk hiermee is misgelopen.
Het herinnert zich nog glashelder als dit moment, nu.
Het beslissende moment waarop het kind niet verwekt werd.
Onmiskenbaar, de voorlopig belangrijkste gebeurtenis van Novale’s onbestaanbaarheid, conceptie vond geen plaats.
De mogelijke ouders wisten van niets, ze konden dus niets betreuren noch zich verheugen op hun toekomstige kind.
Ze hebben nooit geweten wat ze misten of niet misten.

Het kon nog altijd, geboren worden, weliswaar niet bij deze ouders maar elders. Aan deze open mogelijkheid had Novale genoeg.
Leven als een open mogelijkheid waarin alles gebeurt en achterwege blijft.
Een blijvende mogelijkheid, een eeuwige kans, meer wenste Novale niet.
Man of vrouw dat was Novale om het even.

Het ongeborene leek een lege bedding waar de levensrivier doorheen stroomde.

Woonachtig


Je was ergens woonachtig, in een stad of streek
zo heette dat, je moest toch een verblijfplaats hebben,
ook al was die voorlopig en vrij inwisselbaar.

Zo had je ook zogenaamd een naam waar je naar luisterde.
Een roepnaam voor dit lichaamachtige voertuig.
Of was het meer een voertuigachtig lichaam?

Liefst parkeerde je het ergens onder een boom
om zonder voeten verder te gaan, ongeschoeid.
Licht en luchtig, ademloos vertoevend in dit onvoorstelbare.

Een zogenaamd iets dat ergens woonachtig…

Gelukrake verzen

(gebruiksaanwijzing: Proef alle combinaties, betekenis ontstaat tussen de zinnen,zoals muziek zich afspeelt tussen de noten, deze tussenheid is het rijk van de lezer)

weest onbevreesd -wie krijgt de geest?.
-de zon viert feest. -de lezer leest.

een tong heeft smaak. -stel aan de kaak.
-geen tegenspraak. -een schone zaak.

liefde geneest. – nooit weggeweest.
-minder is meest. -wees niet bedeesd.

het ligt hier braak. -soms is niet vaak.
-wees heel, ontwaak. -puur ter vermaak.

dat ruikt gezond. -door het plafond.
-een vrij verbond. -onafgerond.

de tijd is laat. -in ijle staat.
-als automaat. – sta je paraat.

de langste lont. -je bestaansgrond.
-zwijg met je mond. – de ochtend stond.

dom apparaat. -zijn heeft geen maat.
-waar dit op slaat? – je zaait het zaad.

Gelukraakt

Wezen
wees geraakt
aangeschoten en wild
als een dronken prooi

Het leven schiet
lukraak in het wilde weg
sta graag in de baan
van het schot

Het raakt
dat er niets sneuvelt
aan lukraak geluk
dat ons doorzeeft

Bestaan geniet ons
als een vergiet
alles is bijvangst
van lukraak zijn

Expo exorcisme

Is creativiteit een vorm van duivelsuitdrijving?
Je zou het denken, als je sommige tentoonstellingen bezoekt waarin deformatie, vuilniskunst of lege luxe (repeterende consumenten blingbling) vooral een shockeffect lijken te beogen.
Als de kunstenaar een moderne sjamaan is dan zijn er genoeg duivels in deze wereld om te bezweren.
Maar is uitdrijving van het ongewenste afdoende voor een kunstenaar en werkt uitdrijving?
Het lijkt mij een machteloos meehuilen met de wolven.
Jammeren dat de wereld en hel is zonder aan de hemel te werken.

Ik heb niets tegen ontlasting, integendeel.
Het een goed begin om je te louteren van het ongewenste, en je daarvan te ontlasten.
Wat is echter de wens van de kunstenaar/sjamaan, hoe ziet de hemel eruit?
Wat zegt de ontlastingsjamaan anders dan: ik ben ziek van de wereld, alles is lelijk, de mens is slecht, er zijn louter leugens…

Het wenselijke blijft altijd verbonden met de notie van het goede, het ware en het schone.
Een complete sjamaan kan van de ‘objectieve’ kunstbeschouwer een deelnemer maken en hem meenemen in een directe ervaring die alles transcendeert.
Zo’n directe ervaring is beter dan welke ontlasting dan ook, omdat ze inclusief is.
Ontlasten is excluderend, buitensluitend.

Het verschil tussen de ene sjamaan en de andere is obstipatie of zwangerschap.
Mest of een levend kind.

Alleen sjamanen die de duivel omarmen kunnen zwanger worden.

Zon der Nacht

dag zon
hallo zon
hier ben ik
hoor
kom

dag zon
kom maar
kom maar hier
je bent welkom
kom maar binnen zon

de wereld is in war
een wir war
zonder zon

zon is zacht
zo gezond
zonlicht lacht

zon is waar
zon der nacht
zonneklaar

(handschrift in hanepoten, gevonden op de achterkant
van een intake-formulier van een gesloten inrichting)

Treinsprekers

Gesprek opgevangen tijdens treinreis:

“De meesten mensen verbazen zich over het uitzonderlijke, het eenmalige…
Sommigen verwonderen zich over de stompzinnige mechanische herhaling, de macht der gewoonte….oorlogen, misverstanden, geschiedenis die zich herhaalt…
Een enkeling is verbijsterd door het verdwijnen van het achterhaalde…. oude technologie, dode talen.
Is het niet ontstellend dat er dingen zijn die nooit gebeuren, zaken die kennelijk geen zin hebben om te bestaan.
Ja, om te bestaan moet het bestaande er wel zin in hebben om te bestaan…
Niemand lijkt stil te staan bij het feit dat er überhaupt iets bestaat, terwijl niet-bestaan toch een stuk vanzelfsprekender zou zijn…”

Twee grijnzende mannen stapten uit op het Centraal Station, koffers met wieltjes volgden hen willoos over het perron.

Voor die dingen die nooit gebeuren zou ik een monument willen oprichten, een eerbetoon aan het mogelijke wat zich nooit zal manifesteren.
De rest van de avond dacht ik aan zo’n monument.
Toen ik de hond uitliet zag het pas, de koude sterrenhemel als aandenken.

Multiple Poetry 2

(gebruiksaanwijzing: proef langzaam en lukraak steeds één zinnetje per regel, Probeer ook eens de paardesprong en de loper)

A)
Wat klinkt klank mooi. Een verentooi. Een gouden kooi.
Jij bent de prooi.
B)
Staat in de krant. Interessant. Het klinkt navrant.
Een leeg bestand.
C)
Je geeft een fooi. Als ik ontdooi. Als ik zout strooi.
Strak in de plooi.
D)
Er is niemand. Heel elegant. Je leeft als plant.
Wie staat garant?
E)
Wat een vreemd oord. Ga zeg het voort. Dans op een koord. Onverantwoord.
F)
De praal en pracht. Raarheid in pacht. Ze aait je vacht.
Een eend die lacht.
G)
Doe soort bij soort. Is dit gestoord? Ga door de poort.
Het laatste woord.
H)
Op volle kracht. Zo onverwacht. Een lichte vracht.
Niets is zo zacht.

Multiple poetry


(gebruiksaanwijzing: lees vertikaal, diagonaal, van onder naar boven of lukraak, sprongsgewijs steeds één zin per regel)

A)
De weg was lang – De sfeer was wrang – Iets kwam op gang –
Wat moet is dwang
B)
De maan scheen bleek – Je kreeg een steek – Eens in de week – Geweten spreek
C)
Op het behang – Er klonk gezang – Niet van belang –
Het joeg op stang
D)
Je was van streek – Als je goed keek – Je bent een leek –
Je hart bezweek
E)
Het is voorbij – Slap als gelei – Je breekt een ei –
Zak in de klei
F)
Het is gedaan – Geheel spontaan – Als een varaan –
Lekt als een kraan
G)
De zon is blij – Je houdt van prei – Zoals ik zei –
Het is weer mei
H)
Loop naar de maan – Er is niets aan – Het is ontstaan –
De zin van waan